Fondation Francqui-Stichting
Fondation d’Utilité Publique  Stichting van Openbaar Nut



P
lechtige uitreiking van de Francqui-Prijs door
Zijn Majesteit Koning Boudewijn
aan de Universitaire Stichting op 16 mei 1958

Curriculum Vitae - Verslag van de Jury - Toespraken


Léon Van Hove


Curriculum Vitae

(10/02/1924 - 02/09/1990)

Universitaire diploma's :

Licentiaat in de wiskunde wetenschappen, Vrije Universiteit te Brussel, 1945
Doctor in de wetenschappen, Vrije Universiteit te Brussel, 1946
Geaggregeerde voor het hoger onderwijs, Vrije Universiteit te Brussel, 1951

Funkties :

Buitengewone Professor aan de Universiteit te Utrecht : teoretische fysika, 1964
Fysicus, Departement Teoretische Fysika van de Europese Organizatie voor Kernonderzoek "CERN", Genève, 1968

Curriculum vitae :

Assistent aan de Vrije Universiteit te Brussel, 1945-1949 en 1950-1952
Geassocieerde van het Nationaal Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek, 1951-1952
Geaggregeerde van de Vrije Universiteit te Brussel, 1952
Gewoon Professor aan de Universiteit te Utrecht, 1954-1964 (in verlof 1961-1964)
Buitengewoon Professor, 1964
Direkteur van het Instituut voor Teoretische Fysika van de Universiteit te Utrecht, 1954-1960
Hoofd van de Afdeling voor de Teoretische Studiën van de Europese Organizatie voor Kernonderzoek "CERN", Genève, 1960-1965
Direkteur van het Departement Teoretische Fysika van de Europese Organizatie voor Kernonderzoek "CERN", Genève, 1966-1968
Lid van de Raad van beheer van het Interuniversitair Instituut voor Kernwetenschappen, 1963-1967
Lid van de Wetenschappelijk Raad, International Centrum voor Teoretische Fysika van het International Agentschap voor Atoomenergie, Triëst, 1968

Wetenschappelijke onderscheidingen :

Francqui-Prijs, 1958
Heineman Prize of the American Physical Society (USA), 1962
Lid van de Koninklijke Naderlandse Akademie voor Wetenschappen, Amsterdam, 1959; korresponderend Lid sinds 1961
Buitenlands Lid van de Koninklijke Vlaamse Academie voor Wetenschappen, Letteren en Schone Kunsten van België, 1960
Geassocieerd Lid van de "Académie royale des Sciences, des Lettres et des Beaux-Arts de Belgique, 1961
Buitenlands Lid honorair van de American Academy of Arts and Sciences, Boston (USA), 1964

* * *

Verslag van de Jury (12 april 1958)

Overwegende het fundamentele karakter van de bijdragen van de heer Léon VAN HOVE tot de grote problemen betreffende de moderne teoretische fysika, de teorie der nukleaire krachten, de kawtenteorie der velden, het kwantenprobleem der systemen met een groot aantal deeltjes en de statistische mechanika,

overwegende dat hij in ieder an deze domeinen nieuwe metodes heeft ingevoerd zich kernmerkend door een grote wiskunde gestrengheid gepaard met een scherpzinnige ontleding van het fysische aspekt der bestudeerde fenomenen,

overwegende dat hij een internationale bekendheid heeft verworden bijdragend tot de wetenschappelijke faam van België,

besluit de Francqui-Prijs 1958 aan de heer Professor Léon VAN HOVE teo te kennen.

de internationaal jury waartoe behoren :

Professor L. Rosenfeld
Professor aan de Manchester University
                                                                                  Voorzitter

Professor W.G. Burgers
Professor aan de Universiteit Delft

Professor G. Champetier
Professor aan de Universiteit van Parijs

Professor C.A. Coulson
Professor aan de Oxford University

Professor S.R. de Groot
Professor aan de Universiteit Leyde

Professor Sir A. Egerton
Emeritus Professor aan de Impérial College, London

Professor J. Errera
Professor aan de Université Libre de Bruxelles

Kanunnik G. Lemaitre
Professor aan de Université Catholique de Louvain

Professor S. Rosseland
Professor aan de Universiteit Oslo

Professor Fr. van den Dungen
Professor aan de Université Libre de Bruxelles
 

* * *

Toespraak van de heer Solvay, Voorzitter van de Francqui-Stichting

Sire,

Il y a quelques jours à peine, le Roi a bien voulu marquer sont intérêt pour le Fonds National de la Recherche Scientifique en s'associant avec bienveillance à la célébration de son trentième anniversaire.

Aujourd'hui, continuant une précieuse tradition, le Chef de l'Etat va remettre à nouveau le Prix Francqui à un savant belge dont les travaux ont recueilli un large écho.

Que Votre Majesté me permette de Lui dire combien le soutien que le Roi accorde à tout ce qui touche au haut enseignement et à la recherche scientifique est un encouragement puissant pour ceux qui luttent avec ferveur - et non sans angoisse - pour que la Belgique garde, en Science, la place que lui ont value le talent et le savoir de nos Maîtres et de leurs disciples.

Mr. Léon VAN HOVE, auquel le Conseil a attribué le Prix sur proposition d'un Jury où siègeaint, aux côtés de quatre savants belges, des personnalités éminentes venues de France, de Grande-Bretagne, des Pays-Bas et de Norvège, vient à peine d'avoir 34 ans.

Jamais il ne s'est trouvé, dans notre Maison, de lauréat aussi jeune.

Né à Bruxelles, ayant poursuivi des études exceptionnellement brillantes à l'Université de cette ville dont il ne tarda pas à devenir un collaborateur, Mr. VAN HOVE s'est vu offrir, après un long séjour d'études à l'Université de Princeton, une haute charge académique à l'Université d'Utrecht.

Si nous pouvons regretter que nos Universités ne bénéficient plus de son concours actif, nous apprécions à sa valeur l'hommage que lui a rendu une Université d'un pays voisin et ami, Université qui a compté parmi ses Professeurs des hommes aussi illustres qu'ORNSTEIN, UHLENBECK et KRAMER.

L'oeuvre scientifique du Professeur VAN HOVE se situe dans le domaine de la physique théorique ainsi que le spécifie le diplôme dont, avec l'autorisation du Roi, je vais demander à notre collège, Mr. WILLEMS de donner Lecture.

* * *

Toespraak van Professor Léon Van Hove

Sire,

Het is voor mij een uitzonderlijke eer uit 's Konings handen het diploma van de Francqui-Prijs te mogen ontvangen.

Het feit dat deze Prijs me werd toegekend en het Zijne Majesteit zelf is die me het officiële dokument van deze onderscheiding overreikt, betekent niet alleen een erkenning waarvoor ik mijn diepe dankbaarheid betuig, maar tevens een onschatbare aanmoed iging tot het doorvoeren van een wetenschappelijk aktiviteit waaraan ik me heel en al wijd.

Hoewel ik duidelijk besef hoe bescheiden de plaats is die mijn werken op het internationaal wetenschappelijk toneel innemen, bezorgt de hoge onderscheiding waarmee het Francqui-Fonds ze heeft willen belonen, me een zeer diepe vreugde.  En op het ogenblik dat ik deze vreugde wil uitdrukken, welt in mij de behoefte op hulde te brengen aan degenen die tot mijn vorming hebben bijgedragen; mijn ouders die me hebben toegelaten studiën te ondernemen en mijn meesters die ze vruchtbaar hebben weten te maken.  Onder deze laatsten kan ik niet nalaten te vernoemen, Professor Lepage en Professor Prigogine.  Met innige dankbaarheid herinner ik me de jaren die ik aan de Vrije Universiteit te Brussel heb doorgebracht en de steun die me door het Nationaal Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek werd verleend.

Toen voor mij het uur was geslagen om een grotere wetenschappelijke onafhankelijkheid te verwerven, heb ik die gevonden, eerst aan het "Institute for Advanced Study" te Princeton en daarna en vooral aan de Universiteit te Utrecht.

Ik beschouw het als een elementaire plicht hulde te brengen aan deze Inrichtingen die me in de gelegenheid hebben gesteld in werkelijk uitzonderlijke voorwaarden en geschikte atmosfeer, mijn werk voort te zetten.

Ik weet, Sire, dat dergelijke uitwijking naar het buitenland ongewoon is en betwistbaar.  Doch de psychologie van de wetenschapsmens stelt zijn eisen, die beslist een weerslag hebben op het resultaat van zijn werken.  Ik ben Belg en ik ga er trots op.  In deze tijd van konstante internationale kontakten, kon de weinig traditionele orientatie die ik aan mijn universitaire cariere heb gegeven slechts, hoe weinig dan ook, bijdragen tot de wetenschappelijke faam van België, terwijl ze mijn navorsingen begunstigde.

Vooral voor mij, Belg die leeft en werkzaam is in het buitenland, is de toekenning van de Francqui-Prijs en de aanwezigheid van de Koning op deze zitting, een buitengewone eer waaraan ik bijzonder gevoelig ben.

* * *