|
|
Fondation
Francqui-Stichting |
||
|
|
Curriculum Vitae - Wetenschappelijke Activiteiten - Verslag van de Jury - Toespraken
|
||
|
Curriculum Vitae
Date of birth: November 2, 1948. Laboratory of Molecular Parasitology, Institute of Molecular Biology and Medicine, Free University of Brussels, 12, rue des Professeurs Jeener et Brachet, B-6041 Gosselies, Belgium. Tel: 32 2 650 9759; fax: 32 2 650 9750; e-mail: epays@ulb.ac.be Diplomas
- 1ère candidature Biologie (Univ. Louvain)
1966-67, Grande Distinction Occupations
- Stagiaire FNRS: 1970-71 Honorary distinctions - Membre
titulaire de l’Académie Royale de Médecine de Belgique Scientific distinctions
- Léon et Henri Frédéricq Prize (Academy of
Sciences, Brussels) 1983 Work periods abroad
- INSERM Virology Unit, Lille,
France, april 1973 Academic activities
- President of the Institute of
Molecular Biology and Medicine (IBMM) (2006- * * * Wetenschappelijke Activiteiten De Antigenische variatie van Afrikaanse trypanosomen en de problemen betrokken bij de ontwikkeling van een vaccin. Inleiding Trypanosomen worden overgedragen op zoogdieren door de tseetseevlieg, de natuurlijke gastheer van de parasieten. Het geïnfecteerde zoogdier verdedigt zich tegen de parasiet door antilichamen aan te maken tegen een eiwit dat in hoge mate aanwezig is op de membraan van de parasiet, het zogenaamde "Variant Surface Glycoprotein"(VSG). De trypanosoom is echter in staat om dit membraanantigen voortdurend te wijzigen, zodat hij op efficiënte wijze kan ontsnappen aan de uitreiing door het immuunsysteem van het geïnfecteerde zoogdier. Dit mechanisme "antigenische variatie" genoemd, zorgt ervoor dat het aantal parasieten in het bloed van het zoogdier altijd beperkt blijft, zodat het leven van het zoogdier verlengt wordt, en de trypanosoom terug overgedragen kan worden op zijn natuurlijke gastheer, de tseetseevlieg, die dan weer op zijn beurt een volgend zoogdier kan infecteren met de parasiet. De voortdurende wijziging van het VSG door de trypanosoom resulteert dus in chronische infecties van lange duur en vormt het grootste obstakel in de ontwikkeling van een vaccin tegen trypanosomiasen. Genetische mechanismen betrokken
bij de antigenische variatie Mechanismen betrokken bij
celdifferentiatie Niet-variabele
oppervlakteproteïnen en perspectieven voor vaccinatie * * * Verslag van de Jury (13 april 1996) Gelet op het impact dat de ontrafeling van de mechanismen van de antigenische variatie van de trypanosomen gehad heeft op het begrijpen van de strategieën door dewelke de micro-organismen ontsnappen aan de immunitaire afweer van de gastheer evenals het belang van deze ontdekkingen op de gezondheid in de ontwikkelingslanden; gelet op de vooruitgang die geboekt werd in de karakterisering van polycistronische transcriptie-eenheden en de regulatie van de gene uitdrukking op post-transcriptionneel vlak bij eukaryotische cellen evenals het belang van deze ontdekkingen voor het begrijpen van de mechanismen van celdifferentiatie; stelt de Jury voor dat de Raad van Bestuur van de Francqui Stichting de Francqui Prijs 1996 aan Professor Etienne Pays van de Université Libre de Bruxelles zou toekennen. De internationaal jury waartoe behoren : Professor
Howard RASMUSSEN en verder
Professor Lorne BABIUK
Professor Allan BALMAIN
Professor Brian F.C. CLARK
Professor Norbert E. FUSENIG
Professor Félix M. GONI
Professor P. Helena MAKELA
Professor Peter PROPPING
Professor R. VAN DE WATER
Professor H. VOORHEIS
Professor C. WEIR * * * Toespraak van Baron Jacques
Groothaert, Sire, Eens te meer valt mij de eer te beurt Uwe Majesteit de gevoelens van eerbiedige dankbaarheid aan te bieden die de leden van de Raad van Bestuur van het Francqui-Fonds de Koning toedragen. Dankbaarheid voor de levendige belangstelling die Hij aan de dag legt voor het wetenschappelijk onderzoeken en voor alwie zich voor de vooruitgang van de wetenschappen inspant : ook en niet minst voor Zijne aanmoedigende aanwezigheid op deze jaarlijkse plechtigheid. Wij gaan beslissende jaren tegemoet. Dit zijn voor ons allen tijden van grote verwachtingen, maar ook van bekomernis en onzekerheid. In een wereld die door globalisering en interdependentie wordt gekenmerkt, ziet Europa zich geplaatst voor de uitdagingen van de technologie en de concurrentie - en telkens zijn dit uitdagingen op het gebied van de dimensie en de middelen : deze die de technologische moderniteit vereist. Europa bezit in oververvloed de grondstof van de toekomst : creatieve intelligentie. Zij blijft echter in gebreke wanneer het er op aan komt deze te valoriseren - en dit wegens de versnippering van de inspanningen en de vermogens. Voor de Europese Unie is hier een prioritaire taak aanwezig, en wij verwachten dat hiervan werk wordt gemaakt. Herhaaldelijk hebben mijn voorgangers en ik, bij deze jaarlijkse plechtigheid, aan onze bezorgheid uiting gegeven in verband met de angstwekkende toestand van het wetenschappenlijk onderzoek in ons land. Het is wel overbodig te wijzen op het niet ondenkbaar gevaar dat voor het ontbreken van de nodige financiële middelen en van een hierbij gepaard gaande voluntaristische politiek, België zich meer en meer zal zien geplaasts in de categorie van wetenschappelijk onderontwikkelde landen. Nous avons pour devoir de répéter ce cri d'alarme, de mettre en garde les responsables, de plaider pour moins de dispersion des compétences, pour plus de concertation et de cohérence dans un domaine aussi vital que celui de la recherche scientifique, de l'enseignement et de la formation. Nous devons tout mettre en oeuvre pour éviter et contrecarrer la "fuite des cerveaux" en un moment crucial de l'évolution de nos sociétés où plus que jamais, la matière première la plus importante est la matière grise. Récemment encore, les voix les plus qualifiées se sont fait entendre pour plaider cette cause essentielle. Qu'il me soit permis de citer à cet égard ce qu'en disait un de nos Lauréats du Prix Noble, le Professeur Christian de Duve : "Il importe de dénoncer l'attitude parfois prise par de petits pays comme la Belgique qui trouvent que nous devrions laisser la recherche fondamentale aux autres et attendre simplement que les découvertes se fassent ailleurs. Ce n'est pas seulement un calcul sordide; c'est une politique à courte vue, suicidaire à long terme. La recherche fondamentale est effectuées dans les universités en association directe avec l'enseignement et la formation. Un pays qui ne soutient pas une recherche fondamentale de qualité dans ses universités bientôt ne produira plus de chercheurs, les ingénieurs et autres experts de haut niveau qu'exige la société moderne. Il est condamné à la stagnation si pas au sous-développement. De plus, l'expérience à montré tant et plus que les nouvelles industries sont généralement créées près des institutions de recherche où les découvertes qui ont mené aux nouvelles technologies ont été faites. L'histoire de la biotechnologie moderne l'illustre de manière éclatante". Il n'est est que plus remarquable et encourageant de constater combien, dans des conditions précaires, savants, chercheurs, professeurs de nos institutions universitaires poursuivent une activité dont la très haute qualité est soulignée par leurs collègues étrangers qui en prennent connaissance. J'en veux pour témoignage la déclaration du Jury du Prix Francqui 1996, qui c'est dit "extrêmement impressionné par le haut niveau international des travaux scientifiques de chacun des candidats et y voit le reflet du niveau remarquable de la recherche dans les sciences biologiques et médicales de Belgique. Le Jury, reconnaissant ses mérites tout particuliers, a proposé à notre Conseil d'Administration l'octroi du Prix Francqui 1996 au Professeur Etienne Pays, Directeur depuis 1992 des laboratoires de Parasitologie Moléculaire de l'Université Libre de Bruxelles, titulaire de nombreuses et prestigieuses distinctions scientifiques, membre d'importantes sociétés scientifiques à l'étranger, invité par sa haute compétence à de nombreuses réunions scientifiques de premier ordre. Qu'il plaise au Roi de consacrer la désignation du Professeur Etienne Pays comme Lauréat du Prix Francqui 1996 en lui remettant le diplôme de notre institution. * * * Toespraak van Professor Etienne Pays Sire, Het is met een grote ontroering gemengd met een gevoel van eer en van diepe dankbaarheid dat ik dit diploma van de Francqui-Prijs ontvant van uit de handen van Zijne Majesteit. Ik heb nooit gehoopt dat mijn passie voor navorsing zou uitmonden in dergelijke plechtige erkenning. Op deze dag wil ik de woordvoerder zijn van al degenen - en ze zijn talrijk - die bezield zijn door de steeds overzagdigde drang om de grenzen van het gekende terug te dringen en voor wie de materiële moeilijkheden het enthousiasme niet aantast. Ik wens te zeggen hoezeer de belangstelling van Zijne Majesteit een geweldige aanmoediging inhoudt. In een wereld die voortdurend onderworpen wordt aan de dwang van economische noden ligt in deze duidelijk uitgesproken wil om zuivere en onbaatzuchtige narvorsing te steunen en bron van aanmoediging en optimisme. Sire, Mijnheer de Voorzitter, Dames en Heren, Het kan paradoxaal lijken dat bij het benaderen van de leeftijd van vijftig jaar en op een ogenblik dat mijn professionele loopbaan dergelijke vorm krijgt, mijn gedachten spontaan gaan naar de gidsen van mijn kinderjaren. Ik zie mijn ouders, vandaag zo gelukkig, de izch opgeofferd hebben om ons : mijn broer, mijn zusters en ikzelf, het beste van zichzelf te geven. Ik zie de onderwijzer van de lagere school, Mijnheer Versonne, die mij de zin voor het werk ingebracht heeft, de wil om te overwinnen et het hartstochtelijk streven naar kennis. Het is aan hen dat ik mijn vragen te danken heb over het waarom en het hoe van het leven. Het is omwille van hen dat ik mij dagelijks onderdompel in het geluk dat de drang naar kennis meebrengt. Veel later heeft de toeval mijn levensweg doen kruisen met die van Professor Maurice Steinert in ht laboratorium van wijlen Professor Jean Brachet op de Université Libre de Bruxelles. Pas terug uit Afrika bestudeerde Professor Steinert een parasiet die verantwoordelijk was voor een verselijk plaag van dit continent, te weten : de Afrikaanse Trypanosoom. De ontmoeting met Maurice Steinert was het geluksmoment van mijn leven. Hoe zal ik ooit kunnen weergeven hoeveel ik verschuldigd ven aan diegene die mij inwijdde in de mysteries van de Trypanosoom en mij zo doeltreffend begeleidde gedurende meer dan 10 jaar in dit ongelooflijk wetenschappelijk avontuur, steeds onafgewerkt maar hoe rijk aan verrassingen. Het is met ontroering dat ik terugdenk aan deze eerste werkjaren, tijdens dewelke ons laboratorium in totale symbiose leefde met de internationaal vermaarde groepen van het Instituut voor Tropische Geneeskunde in Antwerpen, meer in het bijzonder de laboratoria van de Professoren Nestor Van Meirvenne en Dominique Le Ray. Hte is duidelijk dat het slechts met de medeplichtigheid was van deze tegenspelers, dat ontdekkingen mogelijk werden. Ook ben ik dank verschuldigd aan al mijn medewerkers jong en minder jong, die ondanks werkomstandigheden die soms moeilijk waren, hun enthousiaste medewerking hebben verleend aan de voortdurende vooruitgang van onze opzoeking, tot heden. Het tijdsbestek verhindert mij om individuele namen te vermelden : ze zijn zo talrijk. Nochtans houd ik eraan om in het openbaar een dankbare hulde te brengen aan het begrip en de kostbare hulp van mijn echtgenote Annette, die in de loop van de jaren de werkelijke pijler geworden is van onze onderzoeksgroep. Het is mij ook aangenaam om te mogen onderlijnen hoezeer de tussenkomst van Gilbert Vassart voor mij nuttig was, op het belangrijkste keerpunt van mijn loopbaan, wanneer ik mij ben gaan richten naar genetische manipulatie ("genetic engineerin"). Evenmin vergeet ik de gezagsdragers van de Université Libre de Bruxelles, meer in het bijzonder de hh. Dejean en Berliner, die mij zeer daadwerkelijk geholpen hebben tijdens enkele moeilijke perioden die ik heh doorleefd. Het is duidelijk aan al deze medewerkers en vrienden dat de verdiensten toekomst van de onderscheiding die mij vandaag vereert. Het wetenschappelijk avontuur dat ik juist kom op te roepen begon met een onderzoek, waarbij werd gepoogd te begrijpen hoe de Afrikaanse Trypanosomen ontsnappen aan de waakzaamheid van het immunitair systeem van hun gastheer; Sinds David Bruce, juist honderd jaar geleden, weten we dat deze parasieten aanleiding geven tot chronische, soms dodelijke infecties bij talrijke zoogdieren, waarvan de mens. Naast de Slaapziekte die nu nog elk jaar tientallen duizenden personen doodt, veroozaakt de Trypanosoom bij runderen een dodelijke ziekte die men Nagana noemt. Deze ziekte maakt runderteelt onmogelijk over meer dan één derde van de Afrikaans continent. Het is niet moeilijk om zich het beland voor te stellen van de schade welke deze parasiet toebrengt wegens de belemmering van vlees- en melkproductie alsook van ander afgeleiden van runderteelt. Dit leidt tot overweldigde problemen van volksgezondheid als gevolg van wanvoeding, in zeer uitgebreide streken. Een belangrijke kenmerk van deze Trypanosoom, die ontdekt werd in de jaren zeventig, liet toe om zich voor te stellen hoe dit primitief éécellig organisme ertoe kwam om op dergelijke daadwerkelijke wijze de bijzonder gesophistikeerde verdedigingsmechanisme van de gastheer te verschalken. De Trypanosoom is inderdaad bedekt met een dens omhulsel dat bestaat uit éé, 10 miljoen moleculen van éénzelfde proteïne, die VSG genoemd wordt, voor "Variant Surface Glycoprotein" of nog "veranderlijke oppervlakte glucoproteine". Deze proteïne, werkelijke valstrik voo rhet immunologisch systeem, roept een snel en daadwerkelijk antwoord op van de gastheer, dat leidt tot de vernietiging van de meerderheid der parasieten de aanwezig zijn de bloedstroom. Nochtans is de Trypanosoom in staat om regelmatig de antigenische samenstelling van dit VSG te wijzigen, wat het voor enkele individuën permanent mogelijk maakt om, omhuld in een nieuwe antigenische mantel, te ontsnappen aan de herkenning voor de antistoffen welke gericht zijn naar het voorgaande VSG. Deze kunnen dan de infectie terug aan gang zetten. Het op die wijze, met een voordurende wijziging van de antigenische specificiteit van het VSG dat deze parasiet voorsprong neemt op de beantwoording van de gastheer, terwijl het gebruik maakt van dit antwoord om zijn eigen groei te beperken en aldus de noodzakelijke voorwaarden schept voor het ontstaan van infecties van lange duur. Wij hebben het aangevat om de genetische mechanismen uit te pluizen die betrokken zijn bij dit fenomeen. Zo vielen wij van de ene onvoorziene ontdekking tot de volgende onvoorziene ontdekking. Zonder in details te willen treden wens ik toch te vermelden dat op elk moment slechts één gen voor het VSG uitgedrukt wordt binnen een repertorium van duizend verschillende genen. Dit gen is geplaatst op één van de talrijke uitdrukkingsplaatsen waarover de parasiet beschikt en de die eigenaardig genoeg allen gelokaliseerd zijn op de uiteinde van de chromosomen. Op die plaats is het gen het preferentieel doelwit van recombinaties van het DNA, wat leidt tot talrijke wijzigingen in de sequenties van de aminozuren van het antigeen, wat de bron is van deze antigenische variatie. Daarbij is de Trypanosoom in staat, door de alternatieve activatie van verschillende uitdrukkingsplaatsen, om zijn VSG te wijzigen zonder beroep te moeten doen op recombinateis van het DNA. De natuur en het opeenvolgend gebruiken van deze verschillende mechanismen leggen grotendeels uit hoe de Trypanosoom ontsnapt aan de antistoffen. Deze ontdekkingen hebben het voor ons moeglijk gemaakt om te veronderstellen dat het wijzigingspotentieel van de parasiet op zijn minst gelijk is met het potentieel van de gastheer om antistoffen te maken. Deze vaststelling brengt natuurlijk een domper van wanhoop op de mogelijheid om deze parasiet te bestrijden. Het is dan in ht midden van de jaren 80 dat wij ons zijn gaan richten naar andere opzoekingen die a priori nog méér acadmisch waren. Wij zullen snel zien hoe deze navorsingen, die niet gericht waren op praktische toepassingen, ook op die gebied uiteindelijk zeer belangrijk zijn gebleken. Wat we ondernomen hebben te begrijpen is, omwille van welke genetische mechanismen de Trypanosoom zich differentieert tijdens zijn cyclische ontwikkeling, wanneer hij onvergaat van het zoogdier naar de tseetseevlieg en omgekeerd. Men moet weten dat op dit ogenblik nagenoeg niets geweten is over de mechanismen waardoor parasieten zich omvormen om zich aan te passen aan opeenvolgende gastheren, zoals in het bijzonder gebeurt bij deze ééncellige parasieten. Hierom betekent de levenscyclus van de Trypanosoom een vrij ideaal studiemodel voor de moleculaire bioloog. Wij hebben snel mogen vaststellen dat bij dit eukaryotisch organisme - dit wil zeggen een organisme waarvan de celkern van hetzelfde type als het onze - de organisatie en de expressie van genen een zeer belangrijke originaliteit vertoont. Inderdaad, in plaats van individueel gecontroleerd te zijn, zijn de genen van de Trypanosomen ondergebracht in lange multigenische batterijen, die elk afhangen van één promotor van hun overschrijving. Als gevolg daarvan doet, bij de Trypasnosoom, de regulatie van de genische expressie waarvan de cellulaire differentiatie afhangt die de adaptatie van de parasiet mogelijk maakt, beroep op mechanismen die zeer verschillend zijn van die der andere eukaryoten. Ik wens hier te benadrukken dat de analyse van sommige van deze mechanismen zeer nuttig is gebleken om de werkingsmechanismen van onze eigen cellen te begrijpen. Dit illustreert nogmaals langs welke kronkelige wegen de wetenschap aangroeit. Nadat wij aldus vastgesteld hadden dat het gen van het VSG geassocieerd was met verschillende andere genen in eenzelfde transcriptie-eenheid, zijn wij ons zeer logisch gaan interesseren aan de functie van die laatste genen. Het is op die wijze dat, op totaal onverwachte wijze, de paden van het noodlot ons terug op het spoor gezet hebben van nieuwe bestrijdingsstrategieën, gericht tegen deze parasiet. Inderdaad hebben wij ontdekt dat sommige van de genen die geassocieerd zijn aan het gen van VSG verantwoordelijk zijn voor de synthese van oppervlakte-receptoren. Dit zijn moleculen die weinig talrijk zijn maar niet veranderbaar en die van cruciaal belang zijn voor de groei van de Trypanosoom. Naast het intrinsiek belang van hun caracterisatie heeft de studie van deze receptoren en van hun lokalisatie op de cel, het voor ons mogelijk gemaakt om nieuwe mogelijkheden voor vaccinatie in het vooruitzicht te stellen. Op dit gebied werden zelfs recent zeer aanmoedigende resultaten bekomen. Sire, Zoals dit kort overzicht van onze navorsingen het zal duidelijk gemaakt hebben, is niets belangrijker om vooruit te gaan dan enthousiasme, de wil om te ondernemen, en de openheid van geest. Ik heb het buitengewoon geluk gehad om meesters en medewerkers te mogen ontmoeten die bezield waren door deze kostbare gaven. Moge België, ondanks economische moeilijkheden een ruimte blijven vertegenwoordigden waar vrijheid leidt tot openbloeien van deze eigenschappen die essentiele voorwaarden zijn voor een betere toekomst. * * *
|
|||