|
|
Fondation
Francqui-Stichting |
||
|
|
Curriculum Vitae - Verslag van de Jury - Toespraken
|
||
|
Curriculum Vitae (15/01/1914 - 27/08/1990) Geboren te Houdeng-Goegnies op 15 januari 1914 Universitaire diploma's : Doctor in de letteren en wijsbegeerte (klassieke filologie), Katholieke Universiteit Leuven, 1940 Funkties : Gewoon Professor aan de Fakulteit der Letteren en Wijsbegeerte van de Katholieke Universiteit Leuven : oud en middeleeuws kristelijk Oosten, Byzantijnse filologie Curriculum vitae :
Aspirant van het Nationaal Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek,
1939-1942 Wetenschappelijke onderscheidingen :
Laureaat van de Universitaire Wedstrijd, 1936 * * * Verslag van de Jury (4 april 1959) Overwegende de belangrijkheid van de bijdrage van de heer Gérard GARITTE, Professor aan de Katholieke Universiteit Leuven, in het domein van het Kristelijk Oriëntalisme, overwegende dat, op dat gebied, zijn nazoekingen merkwaardig zijn zowel door hun metode als door hun oorspronkelijkheid, overwegende het belang dat de internationale wetenschappelijke milieus aan de werken van de heer Gérard GARITTE hechten, besluit de Francqui-Prijs 1959 aan de heer Professor Gérard GARITTE toe te kennen. de internationaal jury waartoe behoren :
Professor W. von
Wartburg
Professor A. de
Buck
Professor F.
Desonay
Professor J. Dopp
Kanunnik R. Draguet
Kanunnik E. Drioton
Professor H.I.
Marrou * * * Toespraak van de heer Solvay, Voorzitter van de Francqui-Stichting Deze plechtigheid die Uwe Majesteit traditioneel voorzit - zoals Hunne Majesteiten Koning Albert en Koning Léopold het steeds hebben gedaan - ontleent al haar waarde aan de aanwezigheid van de Koning. Er zo groeit ieder jaar aan, onze schuld van erkentelijkheid tegenover de Dynastie, voor het welwillend belang dat Ze onze Instelling betuigt in het uitoefenen van haar hoogste opdracht : de toekenning van de Francqui-Prijs. Verleden jaar beloonden we de verdiensten van een wetenschapsmens die zich prachtig had onderscheiden in de Wiskunde en in de Fysika. Vandaag erkennen we de schitterende bijdragen van een der onzen, tot de studie van het Kristelijke Oosten. Navorsers die een zo moeilijk onderwerp bewerken dienen voor alles ontzaglijke linguïsten te zijn. Dit is het geval voor de heer Gérard GARITTE die bekwaan was zicht het out-Syrisch, het Arabisch, het Armenisch en het Georgisch te assimileren. Wat dat betreft is hij de waardige opvolgen van de beroemde bollandist Paul PEETERS. Het is onze rol niet hier het werk van de laureaat te bespreken. Laten we ons vergenoegen te zeggen dat de bibliografie van zijn werken waarlijk indrukwekkend is. En laten we in herinnering brengen dat reeds in 1950, toe hij nog maar 36 jaar was, de faam van de heer GARITTE van die aard was dat, wanneer de "Library of Congress" van Washington een wetenschappelijke expeditie naar de berg Sinaï zond met de opdracht zoveel manuskripten mogelijk te mikrofilmeren, het op hem was, - enigste Europees lid van de expeditie - dat de organizatoren beroep deden om de verscheidene Oosterse fondsen te bestuderen. De internationale Jury, waarvan de h. Professor von WARTBURG van de Universiteit te Bazel Voorzitter was, heeft ons de kandidatuur van de eminente jonge Professor voorgedragen, en onze Raad heeft hem met eenparigheid de Francqui-Prijs toegekend. Zo het de Koning behaagt, zal ik nu onze Kollega de h. Jean WILLEMS vragen, van dit diploma lezing te willen geven. * * * Toespraak van Professor Gérard Garitte Sire, Uwe Majesteit gewaardig Zich me personnlijk het diploma van de Francqui-Prijs 1959 te overhandigen; dit gebaar geeft aan deze plechtigheid een ongewone luister. Het volgt ook een traditie waaraan de Dynastie biezonder is gehecht; immers, bij de uitreiking van de Francqui-Prijs heeft Ze de laureaat steeds dezelfde welwillendheid betoond. Zoals Uwe Majesteit het in Haar redevoering van 5 maart op het Paleis der Academiën in herinnering bracht heeft "de Dynastie, bewaarster van de nationale waarden, nimmer opgehouden een buitengewone belangstelling te tonen voor de vooruitgang der wetenschappen, onder het dubbel aspekt der onbaatzuchtige navorsing en der ekonomische toepassingen er van. Moge Uwe Majesteit zich gewaardigen de hulde te aanvaarden van mijn zeer eerbiedige erkentelijkheid. Sire, Mijnheer de Voorzitter, Het besluit van de Raad van beheer van het Francqui-Fonds, me de Francqui-Prijs voor 1959 toe te kennen, maakt me titularis van een der hoogste wetenschappelijke onderscheidingen die in ons land kunnen bekomen. Ik waardeer ten zeerste de eer die hierdoor mijn werken, mij specialiteiten en mijn Universiteit ten goede komt. Mijnheer de Voorzitter, ik wil U, alsmede de leden van uw Raad en de heer Direkteur van het Fonds, mijn innige en oprechte dankbaarheid betuigen, en breng tevens een ontroerde hulde aan de eminente stichter van de Prijs. Ik dank de vermaarde Belgische en buitenlandse geleerden die hebben willen deel uitmaten van de door de Raad van beheer samengestelde Jury en die mijn werken waardig hebben bevonden te worden bekroond. Ik zou niet willen nalaten, bij het uitdrukken van mijn dankbare gevoelens jegens het Francqui-Fonds, in herinnering te brengen al wat ik schuldig ben aan de andere Stichtingen die haar zetel hebben in dit Huis van de Egmonstraat. De titularis van de Francqui-Prijs 1959 is een vertegenwoordiger van wat men in de geschiedenis van het Wetenschappelijk Onderzoek in België, zou kunnen noemen "de generatie van de Egmontstraat". Hij is in de meest eigenlijke zin van het woord een "alumnus" van de Wetenschappelijke Stichtingen welke hier met zoveel toewijding en bevoegdheid door de h. Jean WILLEMS worden geleid; vanaf zijn inschrijving als student aan de Universiteit tot op heden, werden zijn studiën en aktiviteit een mogelijkheid alleen dank zij de steun van deze Stichtingen. Het is de Univerisitaire Stichting die hem door haar studieleningen de materiële middelen heeft bezorgd om hogere studiën te ondernemen; het is een reisbeurs van dezelfde Universitaire Stichting die zijn eerste studieverblijf in het buitenland bekostigde. Het is het Nationaal Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek, gecreëerd naar aanleiding van de oproep van Koning Albert - en ik voel me vereerd en gelukkig dit te mogen herinneren in aanwezigheid van Zijn doorluchtige Kleinzoon - het is het Nationaal Fonds dat hem gedurende zes jaar toeliet zijn wetenschappelijke vorming te vervol maken en dientengevolge toegang te verkrijgen tot het universitair onderwijs. En het is eveneens het Nationaal Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek dat sindsdien niet opgehouden heeft, de nodige middelen tot het doorvoeren van zijn navorsingen, op milde wijze tot zijn beschikking te stellen. Nu me bij deze plechtige omstandigheid het voorrecht en het genoegen zijn gegund het Francqui-Fonds een biezonder erkentelijke hulde te brengen, ben ik overgelukkig ook de zo grote schuld van dankbaarheid te kunnen opbrechten die me bindt aan de andere Stichtingen van de Egmonstraat. En het weze me eindelijk veroorloofd Zijn Excellentie Mgr. VAN WAEYENBERGH, Rector Magnificus van de Katholieke Universiteit te Leuven, de uitdrukking aan te bieden van mijn hartelijke dankbaarheid voor de welwillendheid waarmee Zijn Excellentie mijn werken steeds heeft aangemoedigd en vergemakkelijkt, alsmede voor de wetenschappelijke vorming die ik aan deze Universiteit en aan haar Meesters verschuldigd ben en meer biezonder aan Mgr. LEFORT, ongelukkigerwijze door ziekte verhinderd deze plechtigheid bij te wonen. Uwe Majesteit gewaardige Zich de zeer eerbiedige hulde van mijn erkentelijkheid te aanvaarden en toe te laten dat ik in Haar doorluchtige aanwezigheid het Francqui-Fonds en eveneens de Universitaire Stichting, het Nationaal Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek en de Katholieke Universiteit te Leuven, dank zeg. * * *
|
|||